De beelden in klei, drukken de oerkracht uit, de verbondenheid met de natuur. Het zijn kleine mensjes. De onbehouwen figuurtjes met hun geschonden huid en doorleefde gezichtjes beroeren ons sterk. Zij zitten of staan daar verloren, eenzaam en in zichzelf gekeerd. Zij overstijgen het lichamelijke.
Door het directe contact met het vuur in een veldoven, krijgen de beelden een andere huid, stoffiger, zandiger en experimenteler en dus ook natuurlijker.